Waarom sommige mensen opbranden en anderen energie blijven houden
- Harry Nijland

- 4 uur geleden
- 3 minuten om te lezen

In gesprekken met ondernemers en professionals hoor ik het regelmatig:
“Het voelt alsof ik steeds harder moet werken om hetzelfde resultaat te halen.”
Het interessante is dat burn-out lang niet altijd ontstaat door te veel werk. Natuurlijk kan een volle agenda bijdragen aan stress. Maar als werkdruk de enige oorzaak zou zijn, dan zouden mensen die weken van zestig uur maken allemaal opgebrand raken. En dat gebeurt niet. Wat ik in mijn coachpraktijk veel vaker zie, is iets anders: mensen raken uitgeput omdat ze te lang werken op een manier die niet bij hen past. Dat verschil lijkt klein, maar het is fundamenteel.
Niet te veel werk, maar verkeerd werk
Iedereen heeft een natuurlijke manier van werken. Sommige mensen houden van structuur, duidelijke doelen en voorspelbaarheid. Anderen krijgen juist energie van vrijheid, improvisatie en creativiteit. De problemen ontstaan wanneer die natuurlijke voorkeur structureel botst met de realiteit van het werk. Denk bijvoorbeeld aan:
iemand die behoefte heeft aan structuur, maar werkt in een organisatie waar “we zien wel waar het schip strandt” de ongeschreven regel is
iemand die verbinding en harmonie belangrijk vindt, maar in een omgeving werkt waar competitie en interne strijd normaal zijn
een resultaatgerichte professional die snelheid wil maken, maar in een organisatie werkt waar elke beslissing langs vijf overlegtafels moet
Je kunt je natuurlijk aanpassen. Dat doen we allemaal. Maar langdurig aanpassen kost energie: “het voelt als zwemmen met je kleren aan”. Je komt nog steeds vooruit. Maar het kost je veel meer kracht dan nodig is.
De driehoek die bepaalt of je energie houdt
In de praktijk zie ik dat duurzame energie in werk bijna altijd samenhangt met drie factoren:
Drijfveren: wat je van nature motiveert. Wat geeft je energie? Is dat bijvoorbeeld structuur, harmonie of creativiteit?
Gedrag: wat je dagelijks moet doen in je werk. Moet je knopen doorhakken terwijl je zaken liever onderling afstemt? Moet je improviseren terwijl je juist duidelijkheid zoekt? Zolang je gedrag aansluit op je drijfveren verbruik je relatief weinig energie omdat je niet steeds hoeft te compenseren.
Omgeving: de cultuur en manier van werken in je organisatie. Is deze werkcultuur competitief of hiërarchisch? Of eerder mensgericht of juist procedureel? En, vooral, past die cultuur wel bij jou?
Wanneer één van die drie structureel botst met de andere twee, ontstaat wrijving. En als die wrijving maanden of jaren aanhoudt, stapelt stress zich op, totdat lichaam en hoofd uiteindelijk zeggen: tot hier en niet verder.
Andersom, wanneer deze drie op elkaar aansluiten, ontstaat er iets bijzonders. Flow! Je werkt hard, maar het voelt niet zwaar. Je komt moe thuis, maar voldaan.
Waarom ondernemers hier extra gevoelig voor zijn
Ondernemers lopen vaak een extra risico. Niet omdat ze harder werken, dat doen ze meestal wel, maar omdat ze zichzelf jarenlang in een rol kunnen dwingen die eigenlijk niet meer bij hen past. Ik spreek regelmatig ondernemers die hun bedrijf hebben opgebouwd vanuit creativiteit, visie of ondernemingsdrang. Maar naarmate het bedrijf groeit, verandert hun rol. Ineens bestaan hun dagen uit management overleggen, ingewikkelde personeelsvraagstukken, complexe financiële rapportages in een veranderende structuur. Voor sommige ondernemers is dat precies waar ze energie van krijgen. Voor anderen is het precies waar hun energie wegloopt.
En toch blijven ze het doen. Omdat het bedrijf dat van hen vraagt. Totdat de ze drukste en slechtst betaalde medewerker zijn geworden in hun eigen bedrijf.
Het signaal dat vaak wordt genegeerd
Burn-out ontstaat zelden van de ene op de andere dag. Er gaan meestal jaren aan vooraf waarin iemand signalen krijgt zoals:
minder plezier in werk
sneller geïrriteerd zijn
moeite met concentratie
steeds meer moeite hebben om op te starten
het gevoel hebben dat je constant “aan” staat
Dus gaan we dat massaal proberen op te lossen met nog harder te werken. Dat werkt meestal averechts.
De vraag die bijna niemand zichzelf stelt
In coaching kom ik uiteindelijk bijna altijd uit bij één vraag: Past de manier waarop je nu werkt eigenlijk wel bij wie jij bent? Dat klinkt simpel, maar het is een confronterende vraag. Want het antwoord kan betekenen dat je je rol moet aanpassen, wat taken moet loslaten of anders moet gaan samenwerken. Misschien zelfs wel een andere richting moet kiezen! Maar het goede nieuws is: zodra werk weer aansluit op je natuurlijke drijfveren, verandert energie vrijwel direct. Dan voelt inspanning niet meer als roofbouw. Dan voelt het als betekenis. En betekenis is misschien wel de sterkste energiebron die er bestaat.
Zelfs op maandagochtend!





Opmerkingen